07 april 2011

Duurzaam zelfstandig, met of zonder personeel

Een artikel over duurzaamheid voor zelfstandigen zonder personeel.
Tip: lees daar waar (de duurzame) "vertaler" staat, gewoon "zzp-er"
In 2009 gepubliceerd in het Bulletin van de Vereniging Zelfstandige Vertalers. Omdat de link het niet (meer) doet, alhier ingekopieerd.


Duurzaam vertalen


Het is een hot item: duurzaamheid. Eindelijk, na jaren van graaicultuur en verafgoding van economische groei begint het te dagen: het universum mag dan oneindig groot zijn (en almaar uitdijen), maar wij kennen vooralsnog slechts een plekje waar het leefbaar is: onze aarde. En omdat de wereldbevolking ook uitdijt (zij het niet zo snel als het heelal), maar het bewoonbare oppervlak van de aarde niet, hebben we een probleem. Gekoppeld aan de milieuverslindende levensstijl die we in het Westen al jaren hanteren en die in India en China, waar bijna de helft van de wereldbevolking woont, pas nu in zwang begint te raken, wordt het probleem steeds groter en binnenkort onhoudbaar door het opwarmende klimaat: verdroging en verwoestijning aan de ene kant, overstromingen aan de andere kant maken het bewoonbare deel van de aarde kleiner; met een voorlopig nog steeds groeiende wereldbevolking heb je een probleem in het kwadraat. Als iedereen de levensstijl zou aanhouden die we er nu in Europa op nahouden zouden we 3 aardbolletjes nodig hebben, becijferde David Attenborough in de door het BBC-wetenschapsprogramma Horizon uitgezonden documentaire “How many people can live on Planet Earth?” Met de Amerikaanse levensstijl 6, en als de hele wereldbevolking genoegen neemt met de ecologische voetafdruk van een doorsnee bewoner van Bangladesh, dan kunnen er 9 miljard mensen op onze planeet leven en zouden we voorlopig nog eventjes genoeg hebben aan dit ene aardbolletje Er zijn dus grenzen aan de groei.

Wat kunnen wij als vertalers doen om dit globale probleem aan te pakken? Zelfs al zouden er vergaande internationale akkoorden gesloten worden (hetgeen keer op keer toch niet helemaal lukt) en zelfs al zou er veel meer dan nu gebruik gemaakt worden van schone en groene technologieën (hetgeen wel gebeurt, maar lang niet snel genoeg) dan nog zullen we ook in ons eigen leven verregaande veranderingen door moet voeren. Denk niet dat dat niet uitmaakt, want vele kleinen maken een grote. Als ieder mens zijn eigen verantwoordelijkheid neemt en in zijn eigen beperkte actieradius kijkt wat hij/zij kan doen, dan zouden we al een heel eind verder zijn. Wat let ons dus om als mens te besluiten om bijvoorbeeld 30% op ons energieverbruik en aankoopbeleid te besparen? (meer mag). Wie hiermee aan de slag wil verwijs ik naar www.milieucentraal.nl waar praktische tips staan om je CO2 uitstoot de reduceren. Gezien de doelgroep van dit artikel zal ik mij verder beperken tot een aantal tips voor de nijvere vertaler. Hoe kan de zelfstandig werkende vertaler zijn persoonlijke CO2 uitstoot en afvalberg beperken?

Papier, natuurlijk: Think before you Print. Maar toch, als vertaler ontkom je er niet aan en wil je zo nu en dan (of zelfs heel regelmatig) je teksten op papier afgedrukt zien, en niet alleen op het scherm. Voor de hand liggende tip: bedruk je papier dubbelzijdig. Sommige (laser)printers houden niet van gebruikt papier. Die willen de velletjes kreukvrij naar binnen slurpen. Vraag dus bij aankoop van een nieuwe printer om een exemplaar dat van gebruikt papier houdt. Verder kom je een heel eind als je alle rondslingerende papieren waarvan de achterzijde nog onbedrukt is verzamelt en op een grote stapel “gebruikt papier” legt voor hergebruik. Ik ga daarin vrij ver. Ongevraagde reclame uitingen die ondanks de “NEE NEE” sticker op de deur toch door de brievenbus gegooid worden, mededelingen van school, stapels power-point presentaties die ik in mijn tolkencabine op het laatst onder mijn neus geduwd krijg: het wordt allemaal keurig gesorteerd en hergebruikt voordat het via de papierversnipperaar naar de krantenbak verdwijnt. Nieuwe pakken papier hoef ik dan ook zelden te kopen, en worden bijna uitsluitend gebruikt voor het afdrukken van beëdigde vertalingen. Vroeger ook nog voor het afdrukken van facturen, maar sinds die ook van de belastingdienst digitaal aangeleverd mogen worden, hoeft ook dat niet meer. Scheelt bovendien weer postzegels en milieuvervuilende posterijen. En als je nieuw papier nodig hebt, dan koop je natuurlijk gerecycled papier. Ziet er wat minder wit uit, maar duurzaam is (of wordt) hot, dus maak je geen zorgen. Je klant zal het t.z.t. begrijpen, en snappen dat hij met een echte trendsetter te maken heeft.
Ook enveloppen hoef je trouwens nooit meer te kopen (ook niet van die grote, milieuvervuilende, met plastic stootkussentjes erin), als je zo nu en dan een enveloppe die je (gevuld en gebruikt) per post binnenkrijgt apart legt en bewaart. Met een stapeltje etiketten en een rolletje plakband, zul je merken dat je nooit meer nieuwe enveloppen hoeft te kopen, integendeel, je komt er in om en weet op een gegeven moment niet meer waar je ze moet opruimen. Armoedig? Als je verder goede kwaliteit en service levert, valt er echt niemand over een hergebruikte enveloppe. Integendeel, sommige klanten vinden het nog wel sympathiek ook, helemaal als je er een korte opmerkingen bij schrijft over je duurzame gedrag. Tijdrovend? Soms wel. Het kost inderdaad een paar seconden meer om een enveloppe met plakband dicht te plakken dan om een kant en klaar exemplaar uit het laatje te trekken. Maar duurzaamheid kost nu eenmaal wat meer tijd, maar gunt de toekomstige generatie ook wat tijd.
En nu we alweer de kersttijd naderen: elektronische goede wensen zijn net zo oprecht, en veel vriendelijker voor het milieu. Wil je toch echte kaarten sturen? Neem de kaarten die je in december ontvangt (en bewaar de andere voor volgend jaar), ga een middagje knippen en plakken met de kinderen (quality time heet dat) en vervaardig prachtige, hergebruikte kaarten die je nog net op tijd de deur uit kunt doen.

Energieverbruik: natuurlijk, wij zijn al buitengewoon milieuvriendelijk, want zitten doorgaans niet dagelijks in de file, maar gewoon in ons kantoortje aan huis. Jammer alleen dat ook dat huis verwarmd of gekoeld moet worden, al naar gelang het seizoen. Zit je inderdaad de hele dag voor je pc’tje, zorg er dan voor dat alleen je (liefst goed geïsoleerde) werkkamer verwarmd wordt. Draai in de rest van het huis de radiatoren gewoon uit (en pas weer aan tegen de tijd dat het nodig is) of schaf een draadloze thermostaat aan, waarmee je vanuit je werkkamer de temperatuur in de rest van het huis kunt regelen. En natuurlijk heb je standaard een extra dikke trui aan in de winter, en dikke sokken. Niet sexy? Geen hond die je ziet, en mocht je wel klanten of andere levende wezens inclusief familieleden rond hebben lopen: duurzaam is (of wordt) hot, dus maak je geen zorgen. Je klant/echtgeno(o)t(e)/ kinderen/vrienden zullen het t.z.t. begrijpen, en snappen dat zij met een echte trendsetter te maken hebben en jou voorbeeld volgen. Het aandoen van slechts een t-shirt of overhemd midden in de winter zal terecht als belachelijk beschouwd worden.

Om ook de innerlijke verbranding optimaal te houden, zorgt de duurzame vertaler er bovendien voor dat hij minimaal 30 minuten per dag beweegt. Hij/zij gaat tussendoor dus even wandelen (met of zonder hond), hard lopen, touwtje springen, Tai Chi’en of welke andere activiteit dan ook. Als de bloedstroom maar op gang komt, en het hart gaat pompen. Daardoor krijgt de duurzame vertaler het vanzelf warmer, en hoeft de kachel niet onnodig hoog opgestookt te worden. Bijkomend voordeel is dat de duurzame vertaler op deze manier ook werkt aan een duurzame gezondheid.

In plaats van een desktop gebruikt de duurzame vertaler een laptop. Die verbruiken 5 keer minder energie. Daarnaast is het natuurlijk van groot belang om de pc (en alle daaraan gekoppelde energievreters) niet stand-by te laten staan maar zodra dat kan uit te zetten. Hiertoe kun je van die handige standbykillers (stekkerdozen) kopen die er, als je de computer uitschakelt, voor zorgen dat ook de monitor, printer, scanner, boxen en dergelijke worden uitgeschakeld. Het beeldscherm (mocht je toch nog met een desktop werken) zet je natuurlijk sowieso altijd uit, zodra je een ommetje gaat maken of een broodje gaat eten.
Voor het opladen van de mobiele telefoon (en van vele andere apparatuur die ongetwijfeld in het huis van een vertaler en zijn gezin rondslingeren) zijn er tegenwoordig ladertjes op zonne-energie te koop met alle mogelijke verloopstekkertjes. Op het moment van schrijven kan auteur nog niet met zekerheid zeggen dat deze opladers ook echt een uitkomst zijn. Voorlopig ligt het ding zich al dagen op te laden voor het raam, maar het groene lichtje (dat zou moeten aangeven dat het ladertje opgeladen is) heeft de schrijver dezes nog niet groen zien worden. In de zomermaanden of in tropischer contreien zal het oplaadproces ongetwijfeld probleemloos verlopen. Goed vooruitzicht, gezien het opwarmende klimaat.

Vervoer: Wanneer de vertaler onverhoopt toch op pad moet om zijn klanten of collega’s te ontmoeten, dan gaat hij /zij zo mogelijk per fiets naar het station, en vandaar verder per trein. Hij of zij neemt een abonnement op de OV-fiets (kost een tientje per jaar + 2,85 Euro per keer) en kan op die manier op bijna alle stations in Nederland een fiets huren.
Wie niet op fietsafstand van het station woont, en toch de auto moet nemen kan, indien hij/zij zich (nog) geen hybride auto kan permitteren, zijn (liefst zo klein mogelijke) bolide besturen volgens de regels van het “nieuwe rijden”, d.w.z. zachtjes optrekken, zo snel mogelijk naar een hogere versnelling schakelen, vooruit kijken, de auto zo lang mogelijk laten uitrollen, niet te hard rijden. Men wordt vooralsnog weliswaar aangezien voor een verdwaalde bejaarde, maar je bespaart al snel 10% op je brandstofkosten, en met een stickertje (aan te vragen via www.hetnieuwerijden.nl) weet iedereen weer waarom we het doen. Bijkomend voordeel: je hebt flink wat innerlijke rust nodig om zo rustig te rijden, en die kan een milieuvriendelijke vertaler goed gebruiken. Reden te meer om deze te ontwikkelen. Bovendien: ook de medeweggebruiker zal op den duur, tegen de tijd dat duurzaamheid echt een trend wordt, begrijpen dat hij met een echte trendsetter te maken heeft gehad. U wilt geen trendsetter zijn? Geen probleem, daarvoor doen we het niet.

Wie meer en/of betere tips, ideeën of initiatieven heeft, is welkom om die door te geven via http://chinengqigong.org/category/nieuwsberichten/. Hier is ook een milieuprijsvraag te vinden waarmee ik hoop mensen aan het denken te zetten. Paul Mc Cartney met zijn vleesloze maandag is een van de winnaars (al weet hij dat nog niet), dus U bent in goed gezelschap.

Een druppel op een gloeiende plaat dit alles? Eenheid maakt macht, en alle beetjes helpen.

© Willemien Op den Orth


http://www.vzv.info/index.php?page=252#VZV-Bulletin_2009_4_009

22 juni 2010

Milieuprijsvraag

Win een workshop Chi Neng Qigong en red de holbewoners (lees ook het artikel van Joris Luyendijk)
http://chinengqigong.org/category/prijsvraag/

17 februari 2010

Duurzaam koken


Duurzaam koken

BROOD
25% van al het brood schijnt in Nederland in de prullenbak terecht te komen. Dit kan anders. Italiaans eten is in. En de Italiaanse keuken is zo lekker omdat Italianen met de ingrediënten die voorhanden zijn iets lekkers maken. Zonder opsmuk, zonder poespas. Een belangrijk element uit de Italiaanse keuken is hergebruik. De mamma en de nonna die dagen in de keuken doorbrachten hadden geen geld om eindeloos nieuwe en dure producten te kopen, ze moesten het doen met wat er in huis was. Restje brood? Dan weekte je dat en deed het door de gehaktballen. Of je spaarde het op en maakte er paneermeel van.
In Rusland worden “soechari” gegeten: dat zijn restjes brood die gewoon op tafel of op het aanrecht blijven staan na het ontbijt of avondeten, gewoon in hun broodmandje, en door het droge klimaat zijn ze na een paar dagen verworden tot een soort van droge beschuiten, die dan vrolijk worden opgepeuzeld. In Nederland lukt dit niet. Daarvoor is de luchtvochtigheid te hoog. Maar heb je een restje brood over, wat je niet meer tot iets anders kunt vermaken, dan kun je het gewoon een dag op de verwarming/kachel leggen en dan in een blik doen (of even in de oven zetten als die toch aan is voor een ander gerecht). Doe je dat elke keer, dan heb je op een gegeven moment een blik vol broodkorsten. Die doe je in je (energieslurpende) keukenmachine, vermaalt het tot paneermeel, doet het in een (hergebruikte) jampot, en je hebt paneermeel voor de komende maanden.
Veel mensen warmen hun (voorgebakken) brood op in de oven. Dat is lekker, maar als er dan brood overblijft, dan is het nauwelijks meer her te gebruiken. De meeste mensen gooien het dan weg. Dat hoeft niet. Stop het in een blik, en verwerk het, als het blik vol is tot paneermeel.

Brood van een dag of wat oud, is niet echt meer heel lekker om zo te eten. Maar er is wel nog heel veel mee te doen. Een paar ideeën:

WENTELTEEFJES. Heerlijk bij het ontbijt, kinderen zijn er dol op. Het kost relatief weinig tijd, dus wat let je: geen vers brood bij het ontbijt? De gang naar de bakker kun je je besparen als je een eitje in een diep soepbord even losklopt met een glas melk. Week de (oude, ook bruine) boterhammen hier heel even in, zodat ze vochtig zijn, en bak ze in een koekenpan waarin je wat boter hebt laten smelten op middelhoog tot zacht vuur. Na ca. 3 minuten omdraaien, andere kant bakken, en dan opeten met wat suiker en kaneel eroverheen gestrooid. Te weinig tijd? Zet gewoon 2 of 3 koekenpannen op het vuur, en je hebt binnen 10 minuten genoeg wentelteefjes voor het hele gezin. Ik weet het: klassieke wentelteefjes dienen met wit brood en zonder korstjes gebakken te worden, maar ik garandeer u dat ze net zo lekker zijn met oud bruin brood met korstjes…

SHARLOTKA
Een heerlijk Russisch recept (kinderen houden hier vaak wat minder van omdat er drank doorheen zit) dat ik met wat kleine aanpassingen geleend heb van Lesley Chamberlain; uit haar voortreffelijke “The food and cooking of Russia”. Het is een verre achterneef van de Charlotte russe, een toetje met lange vingers en room dat in de 19de eeuw in Parijs bedacht werd door Antoine Carême, die een tijdlang chef-kok geweest was aan het hof van Tsaar Alexander I. De Russen maakten daar hun eigen variant op, met restjes brood en appels in plaats van met lange vingers en room. Je zou het niet denken, maar het resultaat is echt een aanrader.

Ingrediënten:
250 gr. oud (bruin) brood
100 gr. boter
2 kruidnagelen of een vanillestokje (al naar gelang uw voorkeur)
kaneel (optioneel)
rasp van 1 (biologische) citroen
10 eetlepels suiker (of naar smaak)
150 ml. witte wijn (met rode lukt het ook. En laatst gebruikte ik een mengsel van sinaasappelsiroop en sterke drank, en ook dat was heerlijk)
6 appels
50 gr. rozijnen

Snijd het brood in stukjes (of maal het fijn in de keukenmachine), en bak het in de boter samen met de kruidnagelen of vanille, de kaneel, de geraspte citroenschil en drie eetlepels suiker. Zet het vuur uit, en doe de witte wijn erbij.
Schil de appels, snijdt ze in stukjes, doe er wat citroensap over om verkleuren te voorkomen, en vermeng met de rozijnen en de rest van de suiker.
Beboter een niet al te brede ovenschaal, leg wat van het broodmengsel op de bodem, doe daar wat appels overheen, dan weer een laagje brood etc. Eindig met een laag brood en zet dan alles in een niet al te hete oven. Bak ongeveer 30 tot 40 minuten. Serveer heet, evt. met wat slagroom.

Eenzelfde idee, maar dan hartig, las ik laatst in de kookrubriek van Marjoleine de Vos in de NRC.
Zie haar kaas- en broodsoufflé op http://weblogs.nrc.nl/thuiskok/2010/02/15/wentelteefjes-voor-sven/#more-1237


SOLDAATJES
Een andere snelle en heerlijke bestemming voor oud brood zijn de klassieke “soldaatjes”. Ook hier geldt: trek je niets aan van de aanwijzingen in de eventuele kookboeken (als die er al zijn. Geloof niet dat een soldaatje zo’n culinair hoogstandje is dat het vermeld wordt in een doorsnee kookboek) waar evt. gezegd wordt dat je hier wit brood zonder korstjes moet gebruiken. Dat hoeft helemaal niet. Je neemt gewoon het oude brood, snijdt het in min of meer vierkante brokken (hoeft trouwens helemaal niet zo regelmatig, niet moeilijk doen, als het makkelijk kan). Smelt een flinke klont boter (ca. 50 gr. het brood slurpt het vet op) in een koekenpan met dikke bodem (overigens doet 25 gr. boter en een flinke scheut olijfolie het ook heel goed. En met alleen olijfolie mag het ook), draai het vuur laag, doe de blokjes brood erin, roer zo nu en dan goed door, en na een minuut of 10 (als ze goudbruin gebakken zijn) doe je er wat zout bij, en je hebt heerlijke “soldaatjes”voor bij de soep. Je kinderen zullen de groentesoep waar ze anders misschien met lange tanden van eten, een stuk lekkerder vinden als ze er deze heerlijke krokante zoute broodbakseltjes bij krijgen. En voor de moeilijke eters, helpt het echt als je ze eerst de soep laat opeten – met soldaatjes - , en dan nog wat extra soldaatjes belooft.

GROENTEBURGERS
Broodkruim en/of oud brood kan verder prima verwerkt worden in groentehamburgers, waarvoor het recept een volgende keer beschreven zal worden.


Restje (aangemaakte) SLA OVER?
Met vrienden in Italië in huis met grote keuken. Regelmatig was er aangemaakte sla over (veelal een mix van groene sla, tomaat, komkommer, kruiden etc.) , waarbij iedereen me meewarig aankeek als ik zo'n restje braaf in een ijskastdoosje in de ijskast stopte i.p.v. in de prullenbak waar iedereen vond dat 't eigenlijk thuis hoorde. Maar wat was iedereen blij verrast als er de volgende dag bij de lunch of het avondeten opeens heerlijke gazpacho geserveerd werd. Fluitje van een cent: pureer het restje sla met de staafmixer en doe daar een paar (gepelde) tomaten bij en wat fijn gesnipperde ui (laat die van tevoren een uurtje in wat azijn weken, dan gaat de scherpe smaak eraf). Proef en breng op smaak met zout en peper. Is het te dik of niet rood genoeg: voeg wat tomatensap toe. Zet in de ijskast (heb je daar geen tijd voor: voeg wat ijsblokjes toe) en serveer koud, evt. met wat in stukjes gesneden (gele) paprika, komkommer en wat kruiden (peterselie, oregano, dille, basilicum of wat je maar in huis hebt). Niet al te vers brood over? Maak de hierboven beschreven soldaatjes, noem ze croutons en laat iedereen die naar smaak wel of niet toevoegen.

YOGHURTPAK LEEG?
Yoghurt over? Ook zo'n hekel aan die op zich handige kartonnen literpakken met yoghurt waar minstens 10% van de inhoud aan de randen blijft kleven, en maar al te vaak samen met de doos in de vuilnisbak belandt? En heeft u geen liefhebber in huis die het pak graag openknipt of scheurt om de binnenkant leeg te kunnen schrapen/uit te kunnen likken? Geen nood. Doe wat water in het bijna lege pak, schud goed heen en weer (terwijl je de opening met je vingers gesloten houdt, anders spuit alles eruit), en gebruik de aangelengde yoghurt om
een milkshake zonder melk van te maken of om pannenkoeken mee te bakken.
Mijn ervaring is dat een pannenkoekenbeslag gemaakt met louter met water aangelengde yoghurt net wat moeilijker te bakken pannenkoeken oplevert, dan een beslag met melk. De oplossing is een mix van melk (30%) en aangelengde yoghurt (70%) en wat ook helpt is om het beslag een paar uur van tevoren te maken en er een half theelepeltje weinsteenbakpoeder bij te doen. Waarom weet ik ook niet. Weet wel dat ik ooit op een macrobiotische boerderij in Toscane verbleef, waar ik na een paar weken behoefte kreeg aan iets zoets en vets en lekkers. Melk was uit den boze, vonden ze, maar pannenkoeken met louter water en meel en zelfs een eitje, vooruit dan maar, mocht ik wel bakken. Door het beslag een nacht te laten staan, kon ik er de volgende ochtend prima pannenkoeken van bakken. Overigens kan wei ook prima als vervanger dienen voor melk in pannenkoeken, maar de meeste mensen zullen niet zo snel wei over hebben. Hoewel? Zelf kaas maken (bv. de Indiase paneer) is een fluitje van een cent, en daarbij houd je liters wei over,dat ook nog eens boordevol mineralen schijnt te zitten. Maar goed, laten we het nu maar even houden bij niet-veganistische wateryoghurt-pannenkoeken:


PANNENKOEKEN (ca. 10)
200 gr. (volkoren)meel (of een mix van 150 gr. (volkoren)meel en 50 gr. boekweitmeel)
2 eieren
ca. 400 ml. vocht (300 ml volgens bovenstaande methode met water aangelengde yoghurt en 100 ml. melk)
evt. half theelepeltje weisteenbakpoeder
Klop de eieren schuimig, helft van het meel beetje bij beetje erbij kloppen, dan de helft van het vocht, dan de rest, en laat het geheel een paar uur staan. Dreigen de pannenkoeken uit elkaar te vallen, zet het vuur dan wat lager, wacht wat langer, en heb geduld. Laat u verder niet ontmoedigen door de eerste pannenkoek. Die mislukt altijd.


SMOOTHIE-YOGHURTSHAKE
Leng een leeg pak yoghurt aan met wat (1 tot 2 dl) water (zie hierboven), doe er wat fruit bij (bv. 1 mango, maar een peer en een halve banaan doen het ook prima, net als wat aardbeien, of een uitgeperste sinaasappel en een halve appel), meng alles goed door elkaar in een shaker of met de staafmixer, voeg evt. nog wat citroensap en/of wat jam of suiker toe, schenk in een mooi glas, garneer desnoods met een blaadje munt en drink op.


CITRUSSCHILLEN
Het voordeel van de natuurwinkel en de biologische markt is dat alles zo duur is. Waarom dat een voordeel is? Omdat je portemonneee eerder leeg zal zijn, en je dus minder geld over hebt om te verspillen aan al die hebbedingetjes en prullaria waarmee we dagelijks geconfronteerd en gebombardeerd worden in deze wegwerpmaatschappij. Bovendien nodigt het eerder uit tot spaarzaamheid. In de keuken probeer ik die te verwezenlijken door zo weinig mogelijk weg te gooien. Als je dus toch een appel, een citroen of een sinaasappel eet, dan kun je net zo goed de schillen verwerken tot iets eetbaars. Overigens is het hier wel aan te raden om dit echt alleen met biologisch fruit te doen, want met name de schillen van niet biologisch fruit schijnen behoorlijk vol met chemicalieen te zitten.


APPEL en CITRUSSCHILLEN (liefst zo geschild dat de schil een geheel blijft, een lange sliert dus, en liefst nadat je de vrucht gewassen hebt; maak er desnoods een wedstrijd van, en vraag je kinderen wie de langste schil kan fabriceren. En natuurlijk doe je dit alleen als de schil toch al niet opgegeten zou worden. Want wie zijn appels integraal opeet, hetgeen veel gezonder is, houdt natuurlijk sowieso weinig restafval over) kun je gewoon ophangen over een touwtje dat je ergens in de keuken spant (niet boven het fornuis of het aanrecht). Heb je geen zin in rommelige en afvallende slierten (sinaas)appel in je keuken, drapeer ze dan op een paar bakblikken, en laat ze een paar uur drogen in de oven bij 50 graden C. (maar ja, dat doe je natuurlijk alleen als je heel veel schillen hebt, na het bakken van een appeltaart bv., anders is het ook weer zonde van de ongetwijfeld niet duurzaam opgewekte energie, zou ik zeggen)
De droge schilletjes bewaar je in een pot. Van appelschillen kun je thee maken, de citrusschillen kun je als kruiderij gebruiken in de theepot of bij verschillende (koude) dranken.


Veel lekkerder (vind ik) en praktischer is het CONFIJTEN van CITRUSSCHILLEN.
Verwijder elke keer dat jij of je gezinsleden een (biologische) sinaasappel eten of een citroen uitpersen of gebruiken, de schil in 4 gelijke delen. Heb je veel schillen ineen, dan doe je ze in een pan met wat water, zodat ze net onderstaan. Kook de schillen beetgaar (dat duurt 5 tot 10 minuten). Giet het kookwater af, en vul de pan met koud water. Giet dit water ook af. Zo verdwijnt de bittere smaak van de schillen. Laat goed uitlekken en snijdt de schillen in dunne reepjes. Ga dan door met stap 2.
Heb je maar weinig schillen, neem dan even de tijd om het wit weg van de schil af te snijden (of schil de sinaasappel/citroen met een dunschiller), en snijdt de schil dan in dunne reepjes. Je kunt dan de hierboven beschreven stap (het koken van de schillen) overslaan, en meteen overgaan naar fase 2 van de bereiding:
Breng in een pan met dikke bodem 250 gr. kristalsuiker bevochtigd met 0,5 dl. water aan de kook. Kook dit mengsel onder voortdurend roeren gedurende 10 minuten. Voeg de schillen toe en breng onder heel voorzichtig roeren weer aan de kook. Laat 5 minuten zachtjes doorpruttelen. Pas op voor overkoken, in het begin schuimt het heel sterk! Laat het geheel met een deksel erop minimaal 24 uur staan. Je kunt nu dagelijks wat nieuwe citrusschillen (of gekookt, of ontdaan van het bittere witte gedeelte) toevoegen, en om de paar dagen het geheel even opkoken (op laag vuur). Heb je op een gegeven moment genoeg (dat gaat trouwens vrij snel. Geconfijte citrusschil gebruik je doorgaans nu eenmaal niet in grote hoeveelheden) dan kook je alles nog een keer 5 minuten op. Haal dan de schillen met een schuimspaan uit de nog warme, maar niet meer kokendhete suikerstroop en leg ze naast elkaar op een bakplaat die belgd is met vetvrij papier of aluminiumfolie. Laat ze bij kamertemperatuur een paar dagen drogen. Draai de schilletjes tussendoor om, zodat de onderkant ook droog kan worden, en doe de schillen dan in een glazen pot.
Bewaar de suikerstroop die na het confijten overblijft voor de volgende keer of verwerk hem in siroop of marmelade.
Met dank aan Vreni de Jong en haar leuke, bij Christofoor uitgegeven boekje Van A(ardbeientaart) tot Z(onnepitkoekjes).
Volgende keer (gelei van) valappeltjes en valpeertjes.

30 december 2007


“Een coole zomer” zegt radio 3 FM (of een andere zender, pin me niet vast op de details, die lijken door de hitte eerder te verdampen) en belooft een airco te vergeven ter waarde van 387 Euro aan wie het woord “vakantie” aan hen sms-t.
Het is juli 2006 en de tweede hittegolf van dit jaar is een feit. Met 360 is een airco wel het meest begerenswaardige gebruiksartikel dat een mens zich kan wensen terwijl hij in zijn benauwde appartement naar de radio zit te luisteren. En daarbuiten trouwens ook.
Per e-mail word ik er ongevraagd op geattendeerd dat ik bij het openen van een “groeirekening” voor mijn nageslacht , een “groei- en knoeiset” cadeau krijg die bestaat uit een plastic bordje, bakje en bekertje plus bestek in de kleuren van de gulle gever (u weet wel, blauw dat past bij jou), met de woorden “OP”, “LEEG” en “DORST” erop. Zo’n zes-delig setje lijkt echter niet genoeg om de consument te verleiden tot het openen van een spaarrekening voor zijn kroost, dus wordt er nog een artikel geschonken, waarbij gekozen kan worden tussen een fietsstoeltje, een penniemaat, een TV-vriend of een PC-Twin. Waarvoor die laatsten dienen of wat het zijn, god mag het weten. Zonder zult u ongetwijfeld ook uitstekend kunnen overleven, maar het nut schuilt in de aantrekkingskracht die knoppen en beeldschermen nu eenmaal hebben op uw (klein)kind. Zelf had u de verleiding nog wel kunnen weerstaan en vrolijk knoeiend verder kunnen leven zonder groei- en knoeiset, maar uw kind heeft de PC-Twin bij de buren gezien en maakt u het hoofd gek. Het is nog gratis ook, dus waarom geen groeirekening geopend en het zoveelste plastic item in huis gehaald dat na een maand of wat kapot of verveeld afgevoerd moet worden naar de kringloopwinkel of de prullenbak? Het ding kost niets, maar hoeveel milieuschade heeft de productie en het vervoer van dit ding niet gekost?
Bij het afsluiten van een 2-jarig mobiel abonnement bij een van de telecomaanbieders krijg je deze zomer niet alleen een gsm-toestel cadeau, maar ook een wasmachine. De logica ontbreekt, maar duidelijk is dat we leven in overdaad.
Twee cadeaus, dat lijkt meer regel dan uitzondering. Bij kinderfeestjes komt 80% van de kinderen met twee cadeaus voor de (vijf- of zes)jarige aanzetten. Terwijl iedereen alles al heeft, kinderen voorop. Prullaria, gefabriceerd in China, onder barre omstandigheden.

China ziet zich voor de taak gesteld 1,3 miljard mensen te voeden. Met al die mensen kan heel wat arbeid verzet worden, en de productiemolen blijven draaien. China produceert niet voor de markt (die is verzadigd), maar om te produceren, om vervolgens enorme hoeveelheden producten op de wereldmarkt te dumpen. Kunnen wij weer voor een habbekrats hebbedingetjes kopen.
Als ik op vakantie wil, kan ik financieel gezien beter met het vliegtuig gaan dan met de milieuvriendelijker (en ook nog eens veel tragere) trein of bus. Tickets naar de andere kant van de wereld voor 0 Euro, 0,99 of 29 Euro worden dagelijks aangeboden. Het is geweldig wat het socialisme heeft gebracht: welzijn voor iedereen (in het rijke westen dan; nog steeds leeft meer dan de helft van de wereldbevolking in grote armoede), maar de keerzijde van deze doorgeschoten wegwerpmaatschappij is een even hard groeiende berg afval, in de breedste zin van het woord. Lucht, zee, land, alles wordt langzaam maar zeker vervuild.
Het kapitalisme is geslaagd: wij hebben van alles te veel. Jammer dat we niet wat ruimhartiger zijn in het mee laten profiteren van minder goed bedeelden, al hebben wij onze rijkdom grotendeels aan hen te danken. Fair Trade staat nog in de kinderschoenen.

De klimaatverandering is eindelijk officieel vastgesteld, en intussen heerst er zelfs min of meer consensus over het feit dat de enorme wereldbevolking in combinatie met onze levenswijze daar debet aan zijn. Wie beweert dat klimaatveranderingen nu eenmaal voorkomen (zoals de miljoenen jaren oude geschiedenis van deze aarde bewijst), vergeet dat het nog nooit zo razendsnel gegaan is. Klimaatverandering is altijd een proces geweest dat miljoenen jaren duurde, terwijl we nu binnen een mensenleven al enorme veranderingen zien.
Het klimaat verandert, met alle gevolgen van dien, mede dankzij de CO2 uitstoot. Gebruik van fossiele brandstoffen moet dus gereduceerd, daar is men het over eens, maar geen politicus zal serieus propageren om minder te consumeren, want dat betekent in eerste instantie het einde van de economische groei, en die is heilig.
Het Kyoto-protocol, dat voor 2012 een energiebesparing van 5% had willen betrachten t.o.v. het gebruik in 1990, had een begin moeten zijn, maar unaniem stond men er niet achter. Amerika doet niet mee, evenals de landen die nog in ontwikkeling zijn, zoals China en India. En zelfs de landen die het verdrag hebben geratificeerd, zien zich nu geconfronteerd met de harde feiten: zelfs een reductie van 5% lijkt nauwelijks haalbaar, in tegendeel, de uitstoot blijft alleen maar groeien.
Ook van het bedrijfsleven kan geen heil verwacht worden. Geen captain of industry zal ons middels een dure reclamecampagne aansporen tot het niet kopen van hun product. Je eigen graf graaf je liever niet en aan een faillissement heeft ook niemand wat, want dat betekent werkeloosheid.


Ik breek me al jaren het hoofd over hoe een CO2 reductie dan wel bewerkstelligd zou kunnen worden. Kernenergie vind ik persoonlijk geen oplossing. Daarmee verschuif je het probleem naar de generaties na ons en ga je van de regen in de drup, aangezien geen hond zich nog raad weet met het duizenden jaren werkzame kernafval.
We leven niet meer in een dorp, een stad, of zelfs een land, maar in een global village, op planeet aarde.
Voor het eerst in de geschiedenis hebben we te maken met problemen die alleen in samenwerking met alle andere bewoners van deze planeet aangepakt kunnen worden. Maar samenwerken met zo’n 6,5 miljard mensen is ingewikkeld, zelfs voor de beste bewindvoerders en politici. En weinigen hebben de overtuigingskracht, ervaring en wijsheid om niet-sexy boodschappen de wereld in te sturen zonder met rotte eieren bekogeld te worden, laat staan om een ecologische revolutie in gang te zetten. We zitten klem in onze economische groei.

Zou het trouwens helpen, om serieus groen te denken en te doen? Stel dat we eensgezind overstappen op duurzame energiebronnen (voor zover dat mogelijk is, want ook de ontwikkeling daarvan staat nog in de kinderschoenen), en ons zouden concentreren op ecologische groei (incl. consuminderen) in plaats van op louter economische groei. Het zou niet direct helpen het broeikaseffect te beteugelen, te meer daar China, India en de meeste ontwikkelingslanden nog economisch moeten groeien, met alle milieugevolgen van dien. En zelfs als we wereldwijd en eensgezind aan de slag zouden gaan met een duurzamer levensstijl, dan nog is die klimaatverandering niet zo maar een twee drie terug te draaien. Wel zouden we daarmee een begin maken met iets dat op de lange termijn wel degelijk vruchten kan afwerpen. Stel dat we nu een proces in gang zetten waarbij wij niet alleen denken aan de bevrediging van al onze instant-behoeften in het hier en het nu, maar meer en vooral aan het creëren van een duurzame wereld, die ook voor onze kinderen en kleinkinderen nog leefbaar is, dan moet dat op den duur effect hebben, en zeker als er een sneeuwbalaffect ontstaat en het trendy wordt om groener te leven.

De enigen dus die kunnen besluiten om minder economisch en meer ecologisch te groeien, en dus ook om minder te consumeren dat zijn wij zelf. Maar waarom zouden wij onszelf een vakantie in Griekenland, een weekendje Parijs of een zakenreis naar Rome ontzeggen als de vliegtuigen toch tegen bodemprijzen blijven vliegen? En waarom zou ik mezelf een airco of een droger ontzeggen als het toch al zo warm is en de was zo supersnel droogt ’s winters met zo’n droogapparaat? En waarom zou ik met de fiets boodschappen doen, als de auto zo’n lekker ruime achterbak heeft waar alle flessen en zware boodschappen zo makkelijk in vervoerd kunnen worden? De praktische idealist zou zeggen: ga op vakantie, maar geef ook geld aan een van die organisaties die bomen planten om de CO2 uitstoot deels teniet te doen (zie bv. www.treesfortravel.nl). Koop een bakfiets of een aanhangkar voor achter je fiets voor de boodschappen, isoleer je huis, doe een extra trui aan, zet de verwarming een graadje lager en drink zelfgemaakte vlierbloesemlimonade (of kraanwater, voorlopig nog prima te drinken) i.p.v. frisdrank uit petflessen. Daarnaast zijn er tal van consument- & producentonvriendelijker maatregelen te bedenken, waaronder het belasten van vervuilende sectoren. Waarom geen flinke ecotax op brandstof, inclusief kerosine voor vliegtuigen? Omdat die al zo duur is, en we toch al in een oliecrisis zitten? Is het geen tijd voor weinig sexy maatregelen, waardoor iedereen met weemoed terug zal denken aan vroeger, toen je nog zomaar zonder gewetenswroeging en voor een kwartje naar de andere kant van de wereld kon vliegen. Maar nu we weten dat consumeren een fataal bijeffect heeft waardoor het hier op aarde langzaam maar zeker steeds minder leefbaar wordt, hebben we toch reden genoeg om naar andere waarden en normen te zoeken dan de waarden en normen die de uitverkopende markt ons biedt? Het lijkt mij redelijk om, nu we weten hoezeer onze levensstijl (in combinatie met de grote hoeveelheid mensen op deze aarde) het milieu belast, over te schakelen naar een iets minder milieuonvriendelijke leefwijze i.p.v. je eigen voetafdruk steeds groter te maken (hetgeen anno 2006 nog steeds en volop gebeurd, getuigen de hierboven aangehaalde voorbeelden).
Hoe je het doet, het maakt niet uit, het gaat om het principe, en dat is simpel: massaal de beslissing nemen om bv. 20% (of 10 of 5 of 30%, al naar gelang je eigen inzicht van de noodzaak voor een dergelijke maatregel) op je energieverbruik en consumptieniveau te besparen. Het kan niet anders of de bewustzijnsontwikkeling die bij sommigen al gaande is, zal zich verspreiden als een olievlek, en steeds meer mensen zullen serieus en bewust gaan nadenken over de gevolgen van onze levenswijze voor onze planeet (die trouwens echt wel door blijft draaien, ook zonder ons) en voor ons zelf. De triomftocht van de economische groei heeft een keerzijde: ecologische catastrofe. Wie dit duidelijk ziet vindt het niet erg om te werken aan ecologische groei. Het sneeuwbaleffect zal volgen, want hoe meer mensen milieubewust gaan leven, hoe modieuzer het wordt. Het milieu als trendsetter? Ook dat kan, als er maar genoeg mensen trendsetter willen zijn.
En anders? Dan hangt er op een gegeven moment een bordje op grote delen van deze planeet “OP”, “LEEG”, “DORST” (of overstroomd).
Wie zich nu opgeeft voor een nog nader in te vullen ecologische groeirekening krijgt gratis en voor niets de uitnodiging mee te denken. Uw ideeën, gedachten en initiatieven zijn welkom. Ganzen vliegen ook samen omdat ze het alleen niet redden.

© Willemien Op den Orth augustus 2006